Leven met een beperking wordt steeds duurder

Voor mensen zonder beperking is mobiliteit vaak vanzelfsprekend. Je stapt in een auto, boekt een vakantie, kiest een hotel of regelt vervoer. Voor mensen met een beperking ligt dat heel anders. Daar komt bijna altijd iets extra’s bij: een aangepaste auto, extra ruimte voor hulpmiddelen, hogere zorgkosten, toegankelijk vervoer, aangepaste accommodatie of hulp onderweg.

Die kosten zijn geen luxe. Ze zijn vaak noodzakelijk om gewoon mee te kunnen doen.

Toch worden juist deze kosten lang niet altijd vergoed. Veel mensen met een beperking merken dat dagelijks. Een auto moet groter of aangepast zijn. Hulpmiddelen moeten mee. Soms gaat het om rolstoelen, tilliften, zuurstofapparatuur, rollators of andere voorzieningen. Niet alles past in een kleine auto. En ook als hulpmiddelen “deelbaar” zijn, betekent dat niet dat ze praktisch makkelijk mee te nemen zijn.

De fiscale gehandicaptenregeling helpt maar beperkt. Die is vooral gericht op bestelauto’s en ondeelbare hulpmiddelen. Daarmee wordt onvoldoende rekening gehouden met de werkelijkheid van veel gezinnen. Want ook meerdere hulpmiddelen die afzonderlijk deelbaar zijn, kunnen samen zoveel ruimte innemen dat een gewone kleine personenauto geen reële oplossing is.

Daar komt bij dat de aftrek van zorgkosten pas iets oplevert wanneer je boven een hoge drempel uitkomt. Mensen moeten dus eerst veel kosten zelf maken voordat er mogelijk iets fiscaal wordt gecompenseerd. In huishoudens waar meerdere mensen een beperking of chronische ziekte hebben, telt dat extra zwaar. De kosten stapelen zich op, terwijl de compensatie versnipperd, beperkt en ingewikkeld blijft.

Niet hetzelfde inkomen, maar ook hogere kosten

Er wordt vaak alleen gekeken naar inkomen. Maar dat is te beperkt. Twee huishoudens met hetzelfde inkomen staan niet gelijk als het ene huishouden hoge extra kosten heeft door ziekte of beperking en het andere niet.

Mensen met een beperking houden daardoor feitelijk minder vrij besteedbaar inkomen over. Niet omdat zij luxer leven, maar omdat zij méér moeten betalen om hetzelfde te kunnen doen.

Dat geldt ook voor vakantie en recreatie. Een toegankelijke accommodatie is vaak duurder of schaarser. Aangepast vervoer kost meer. Soms moet er extra begeleiding mee. Hulpmiddelen moeten vervoerd worden. Zorg moet tijdelijk anders geregeld worden. Waar een vakantie voor anderen ontspanning is, wordt het voor mensen met een beperking vaak een dure logistieke operatie.

Wat het zwartboek laat zien

In het zwartboek op Mobiele-Recreatie.nl komt steeds hetzelfde patroon naar voren: mensen met een beperking lopen niet tegen één probleem aan, maar tegen een opeenstapeling van drempels.

Het gaat om bureaucratie, ingewikkelde regels, slechte toegankelijkheid, verschillen tussen gemeenten, gebrekkige communicatie, onduidelijke parkeerregels, onvoldoende passende voorzieningen en een overheid die vaak vanuit systemen denkt in plaats van vanuit mensen.

Daarmee ontstaat structurele uitsluiting. Niet altijd bewust, maar wel met grote gevolgen. Mensen kunnen niet zomaar parkeren waar dat voor hun beperking nodig is. Ze moeten per gemeente uitzoeken welke regels gelden. Ze worden geconfronteerd met digitale systemen die geen rekening houden met een gehandicaptenparkeerkaart achter de voorruit. Ze lopen vast in Wmo-regels, vervoersvoorzieningen of loketten die vooral naar elkaar verwijzen.

De kern van het zwartboek is dat mensen met een beperking nog te vaak moeten bewijzen dat zij mee mogen doen. Terwijl het VN-Verdrag Handicap juist uitgaat van volwaardige deelname, toegankelijkheid en gelijke behandeling.

De overheid moet meerkosten eerlijk erkennen

Het probleem is niet dat mensen met een beperking “extra’s” vragen. Het probleem is dat zij vaak extra kosten moeten maken om dezelfde basisvrijheden te kunnen gebruiken als anderen: vervoer, vakantie, familiebezoek, zorg, boodschappen, werk, vrijwilligerswerk en maatschappelijke deelname.

Als de overheid die meerkosten onvoldoende erkent, ontstaat ongelijkheid. En als bezuinigingen, hogere eigen bijdragen of beperkte regelingen daar nog bovenop komen, wordt die ongelijkheid groter.

Daarom is het nodig dat beleid niet alleen kijkt naar inkomen, maar ook naar de werkelijke kosten van leven met een beperking. Zeker bij huishoudens waar meerdere mensen een beperking of chronische ziekte hebben.

Gelijke behandeling betekent niet dat iedereen hetzelfde formulier krijgt. Gelijke behandeling betekent dat mensen daadwerkelijk dezelfde mogelijkheid krijgen om mee te doen.

Oproep

Wij blijven ervaringen verzamelen over de financiële en praktische gevolgen van leven met een beperking. Heeft u te maken met hoge kosten voor vervoer, hulpmiddelen, zorg, vakantie, parkeren of aanpassingen die niet of nauwelijks worden vergoed? Dan horen wij dat graag.

Alleen door deze verhalen zichtbaar te maken, kunnen we laten zien dat het niet gaat om incidenten, maar om een structureel probleem.

Lees ook het zwartboek op Mobiele-Recreatie.nl:
https://mobiele-recreatie.nl/zwartboek/

Share

Vergelijkbare berichten